Dutch
Detailed Translations for bereiken from Dutch to German
bereiken:
-
bereiken (doordringen; penetreren in)
erreichen; bereichen; erzielen; durchdringen; angelangen; davontragen-
durchdringen verb (dringe durch, dringst durch, dringt durch, drang durch, drangt durch, durchdrungen)
-
angelangen verb
Conjugations for bereiken:
o.t.t.
- bereik
- bereikt
- bereikt
- bereiken
- bereiken
- bereiken
o.v.t.
- bereikte
- bereikte
- bereikte
- bereikten
- bereikten
- bereikten
v.t.t.
- heb bereikt
- hebt bereikt
- heeft bereikt
- hebben bereikt
- hebben bereikt
- hebben bereikt
v.v.t.
- had bereikt
- had bereikt
- had bereikt
- hadden bereikt
- hadden bereikt
- hadden bereikt
o.t.t.t.
- zal bereiken
- zult bereiken
- zal bereiken
- zullen bereiken
- zullen bereiken
- zullen bereiken
o.v.t.t.
- zou bereiken
- zou bereiken
- zou bereiken
- zouden bereiken
- zouden bereiken
- zouden bereiken
diversen
- bereik!
- bereikt!
- bereikt
- bereikend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze