Dutch

Detailed Translations for vervolgde from Dutch to English

vervolgde form of vervolgen:

vervolgen verb (vervolg, vervolgt, vervolgde, vervolgden, vervolgd)

  1. vervolgen (doorgaan; continueren; voortzetten; )
    to continue; to proceed; to pursue the subject; to go through with it; to persist; to carry on; hold on; to go on; to keep on; to keep up; to move on; to let last; to get on
    • continue verb (continues, continued, continuing)
    • proceed verb (proceeds, proceeded, proceeding)
    • pursue the subject verb (pursues the subject, pursued the subject, pursuing the subject)
    • go through with it verb (goes through with it, went through with it, going through with it)
    • persist verb (persists, persisted, persisting)
    • carry on verb (carry on, carried on, carrying on)
    • hold on verb
    • go on verb (goes on, went on, going on)
    • keep on verb (keeps on, kept on, keeping on)
    • keep up verb (keeps up, kept up, keeping up)
    • move on verb (moves on, moved on, moving on)
    • let last verb (lets last, let last, letting last)
    • get on verb (gets on, got on, getting on)
  2. vervolgen (berechten)
    to judge; to adjudicate; to condemn; to sentence; to try
    • judge verb (judges, judged, judging)
    • adjudicate verb (adjudicates, adjudicated, adjudicating)
    • condemn verb (condemns, condemned, condemning)
    • sentence verb (sentences, sentenced, sentencing)
    • try verb (tries, tried, trying)
  3. vervolgen (trachten te verkrijgen; nastreven; najagen)
    to pursue; to strive after; to persecute; to aim for; to chase; to haunt
    • pursue verb (pursues, pursued, pursuing)
    • strive after verb (strives after, strived after, striving after)
    • persecute verb (persecutes, persecuted, persecuting)
    • aim for verb (aims for, aimed for, aiming for)
    • chase verb (chases, chased, chasing)
    • haunt verb (haunts, haunted, haunting)
  4. vervolgen (voortzetten; continueren; doorgaan; verdergaan; prolongeren)
    to continue; to go on
    • continue verb (continues, continued, continuing)
    • go on verb (goes on, went on, going on)
  5. vervolgen (gerechtelijk vervolgen)

Conjugations for vervolgen:

o.t.t.
  1. vervolg
  2. vervolgt
  3. vervolgt
  4. vervolgen
  5. vervolgen
  6. vervolgen
o.v.t.
  1. vervolgde
  2. vervolgde
  3. vervolgde
  4. vervolgden
  5. vervolgden
  6. vervolgden
v.t.t.
  1. heb vervolgd
  2. hebt vervolgd
  3. heeft vervolgd
  4. hebben vervolgd
  5. hebben vervolgd
  6. hebben vervolgd
v.v.t.
  1. had vervolgd
  2. had vervolgd
  3. had vervolgd
  4. hadden vervolgd
  5. hadden vervolgd
  6. hadden vervolgd
o.t.t.t.
  1. zal vervolgen
  2. zult vervolgen
  3. zal vervolgen
  4. zullen vervolgen
  5. zullen vervolgen
  6. zullen vervolgen
o.v.t.t.
  1. zou vervolgen
  2. zou vervolgen
  3. zou vervolgen
  4. zouden vervolgen
  5. zouden vervolgen
  6. zouden vervolgen
diversen
  1. vervolg!
  2. vervolgt!
  3. vervolgd
  4. vervolgend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for vervolgen:

NounRelated TranslationsOther Translations
aim for aansturing; haalbaarheid
chase achtervolging
haunt sluiphol
judge rechter
keep up in goede staat houden; onderhoud
sentence oordeelvelling; straftijd; uitspraak; veroordeling; vonnis
try inspanning; poging; probeersel
VerbRelated TranslationsOther Translations
adjudicate berechten; vervolgen
aim for najagen; nastreven; trachten te verkrijgen; vervolgen
bring action against gerechtelijk vervolgen; vervolgen
carry on aanhouden; continueren; doorgaan; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten
chase najagen; nastreven; trachten te verkrijgen; vervolgen achternagaan; achternalopen; achternazitten; achtervolgen; jachten; nalopen; nazitten; opdrijven; ophitsen; opjagen; volgen; voortjagen
condemn berechten; vervolgen afkeuren; ongeschikt verklaren; verdoemen; veroordelen; veroordelen tot de hel; vonnissen
continue aanhouden; continueren; doorgaan; prolongeren; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten aanhouden; bestendigen; blijven; doorwerken; duur verlengen; een stapje verder gaan; prolongeren; verdergaan; verlengen; voortbestaan; voortduren
get on aanhouden; continueren; doorgaan; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten inrukken; opdonderen; ophoepelen; opkrassen; oplazeren; overweg kunnen
go on aanhouden; continueren; doorgaan; prolongeren; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten avanceren; contract aangaan; doorlopen; een stapje verder gaan; verder lopen; verdergaan; voortgaan
go through with it aanhouden; continueren; doorgaan; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten
haunt najagen; nastreven; trachten te verkrijgen; vervolgen achternazitten; achtervolgen; nazitten; spoken; volgen
hold on aanhouden; continueren; doorgaan; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten blijven hangen; doorgaan; doorzetten; standhouden; vast blijven hangen; volharden; volhouden
judge berechten; vervolgen een oordeel wijzen; oordelen; rechtspreken; vonnis uitspreken; vonnissen
keep on aanhouden; continueren; doorgaan; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten aandringen; aanhouden; aanlaten; doorgaan; doorzetten; etteren; griepen; klieren; op iets aandringen; standhouden; volharden; volhouden; zeiken
keep up aanhouden; continueren; doorgaan; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten behouden; conserveren; doorgaan; doorzetten; hooghouden; in de hoogte houden; in stand houden; instandhouden; omhooghouden; onderhouden; ophouden; standhouden; volharden; volhouden
let last aanhouden; continueren; doorgaan; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten
move on aanhouden; continueren; doorgaan; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten gaan; inrukken; lopen; opdonderen; ophoepelen; opkrassen; oplazeren; stappen; stuwen; voortbewegen; voortstuwen; vooruitduwen; zich voortbewegen
persecute najagen; nastreven; trachten te verkrijgen; vervolgen achternazitten; achtervolgen; nazitten; volgen
persist aanhouden; continueren; doorgaan; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten aandringen; aanhouden; doordouwen; doorgaan; doorstaan; doorzetten; dragen; dulden; harden; op iets aandringen; standhouden; uithouden; uitzingen; verdragen; verduren; volharden; volhouden; voortbestaan; voortduren
proceed aanhouden; continueren; doorgaan; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten handelen; leven; manipuleren; opereren; optreden; procederen; te werk gaan; werken
prosecute gerechtelijk vervolgen; vervolgen
pursue najagen; nastreven; trachten te verkrijgen; vervolgen achternagaan; achternalopen; achternazitten; achtervolgen; nalopen; nazitten; volgen; zich bezighouden met
pursue the subject aanhouden; continueren; doorgaan; verdergaan; vervolgen; voortgaan; voortzetten
sentence berechten; vervolgen veroordelen; vonnis uitspreken; vonnissen
strive after najagen; nastreven; trachten te verkrijgen; vervolgen ambiëren; mikken op; streven; streven naar
try berechten; vervolgen aanproberen; aanvragen; aanzoeken; beproeven; betrachten; keuren; onderzoeken; op de proef stellen; passen; pogen; proberen; proeven; smaken; testen; toetsen; trachten; uitnodigen; uitproberen; uittesten; verzoeken; vragen
- continueren; doorgaan; voortzetten

Synonyms for "vervolgen":


Antonyms for "vervolgen":


Related Definitions for "vervolgen":

  1. hem voor de rechter laten komen1
    • deze man wordt vervolgd wegens diefstal1
  2. het blijven doen, verder gaan1
    • na de oorlog kon hij zijn studie vervolgen1
  3. hem achterna zitten om gevangen te nemen1
    • in de oorlog werden de joden vervolgd1

Wiktionary Translations for vervolgen:

vervolgen
verb
  1. een handeling voortzetten of de draad opnieuw opnemen
  2. niet rusten voor iemand bestraft of geweld aangedaan is
vervolgen
verb
  1. to pursue in a manner to injure, grieve, or afflict
  2. to formally accuse a person of a crime

Cross Translation:
FromToVia
vervolgen follow; trace; pursue verfolgen — jemandem hinterher fahren oder gehen, eventuell um ihn einzuholen; jemandem auf den Fersen sein
vervolgen continue; go on; proceed with; maintain; sustain; endure; keep on; last; persist; wear; keep continuerpoursuivre ce qui commencer.
vervolgen maintain; support; sustain; countenance; espouse; uphold; second; back; stand by; conserve; keep; preserve; cache; save; store; continue; go on; proceed with maintenirtenir ferme et fixe.
vervolgen chase; persecute; prosecute; pursue; harrow; oppress; stalk; drive; drive on; impel; shoo; propel; actuate poursuivresuivre quelqu’un avec application, avec ardeur, courir après quelqu’un dans le dessein de l’atteindre, de le prendre.
vervolgen renew; refurbish; renovate; restore; innovate; continue; go on; proceed with; maintain; sustain reconduireTraductions à trier suivant le sens.