Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. koloniseren:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for koloniseren from Dutch to French

koloniseren:

koloniseren verb (koloniseer, koloniseert, koloniseerde, koloniseerden, gekoloniseerd)

  1. koloniseren (settelen; vestigen)
    établir; fonder; se nicher; coloniser; s'installer
    • établir verb (établis, établit, établissons, établissez, )
    • fonder verb (fonde, fondes, fondons, fondez, )
    • se nicher verb
    • coloniser verb (colonise, colonises, colonisons, colonisez, )

Conjugations for koloniseren:

o.t.t.
  1. koloniseer
  2. koloniseert
  3. koloniseert
  4. koloniseren
  5. koloniseren
  6. koloniseren
o.v.t.
  1. koloniseerde
  2. koloniseerde
  3. koloniseerde
  4. koloniseerden
  5. koloniseerden
  6. koloniseerden
v.t.t.
  1. heb gekoloniseerd
  2. hebt gekoloniseerd
  3. heeft gekoloniseerd
  4. hebben gekoloniseerd
  5. hebben gekoloniseerd
  6. hebben gekoloniseerd
v.v.t.
  1. had gekoloniseerd
  2. had gekoloniseerd
  3. had gekoloniseerd
  4. hadden gekoloniseerd
  5. hadden gekoloniseerd
  6. hadden gekoloniseerd
o.t.t.t.
  1. zal koloniseren
  2. zult koloniseren
  3. zal koloniseren
  4. zullen koloniseren
  5. zullen koloniseren
  6. zullen koloniseren
o.v.t.t.
  1. zou koloniseren
  2. zou koloniseren
  3. zou koloniseren
  4. zouden koloniseren
  5. zouden koloniseren
  6. zouden koloniseren
en verder
  1. ben gekoloniseerd
  2. bent gekoloniseerd
  3. is gekoloniseerd
  4. zijn gekoloniseerd
  5. zijn gekoloniseerd
  6. zijn gekoloniseerd
diversen
  1. koloniseer!
  2. koloniseert!
  3. gekoloniseerd
  4. koloniserend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for koloniseren:

VerbRelated TranslationsOther Translations
coloniser koloniseren; settelen; vestigen
fonder koloniseren; settelen; vestigen aarden; arrangeren; baseren; bouwen; funderen; gronden; grondvesten; iets op touw zetten; instellen; invoeren; opbouwen; oprichten; regelen; stichten
s'installer koloniseren; settelen; vestigen
se nicher koloniseren; settelen; vestigen
établir koloniseren; settelen; vestigen aarden; baseren; bepalen; determineren; formeren; funderen; gronden; grondvesten; instellen; invoeren; oprichten; stichten; vaststellen

Wiktionary Translations for koloniseren:

koloniseren
verb
  1. koloniën vormen

Cross Translation:
FromToVia
koloniseren coloniser colonise — to begin a new colony

External Machine Translations: