Dutch
Detailed Translations for bevorderen from Dutch to French
bevorderen:
-
bevorderen (promoveren)
promouvoir; favoriser-
promouvoir verb (promeus, promeut, promouvons, promouvez, promeuvent, promouvais, promouvait, promouvions, promouviez, promouvaient, promus, promut, promûmes, promûtes, promurent, promouvrai, promouvras, promouvra, promouvrons, promouvrez, promouvront)
-
favoriser verb (favorise, favorises, favorisons, favorisez, favorisent, favorisais, favorisait, favorisions, favorisiez, favorisaient, favorisai, favorisas, favorisa, favorisâmes, favorisâtes, favorisèrent, favoriserai, favoriseras, favorisera, favoriserons, favoriserez, favoriseront)
-
Conjugations for bevorderen:
o.t.t.
- bevorder
- bevordert
- bevordert
- bevorderen
- bevorderen
- bevorderen
o.v.t.
- bevorderde
- bevorderde
- bevorderde
- bevorderden
- bevorderden
- bevorderden
v.t.t.
- heb bevorderd
- hebt bevorderd
- heeft bevorderd
- hebben bevorderd
- hebben bevorderd
- hebben bevorderd
v.v.t.
- had bevorderd
- had bevorderd
- had bevorderd
- hadden bevorderd
- hadden bevorderd
- hadden bevorderd
o.t.t.t.
- zal bevorderen
- zult bevorderen
- zal bevorderen
- zullen bevorderen
- zullen bevorderen
- zullen bevorderen
o.v.t.t.
- zou bevorderen
- zou bevorderen
- zou bevorderen
- zouden bevorderen
- zouden bevorderen
- zouden bevorderen
diversen
- bevorder!
- bevordert!
- bevorderd
- bevorderend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze
-
bevorderen (stimuleren; cultiveren)
Translation Matrix for bevorderen:
| Noun | Related Translations | Other Translations |
| avancements | bevorderen; cultiveren; stimuleren | |
| promotions | bevorderen; cultiveren; stimuleren | |
| stimulations | bevorderen; cultiveren; stimuleren | |
| Verb | Related Translations | Other Translations |
| favoriser | bevorderen; promoveren | aanmoedigen; aanvuren; avanceren; begunstigen; bevoordelen; bezielen; doneren; geven; helpen; promoten; schenken; toejuichen; voorschuiven; voortrekken |
| promouvoir | bevorderen; promoveren | aanmoedigen; aanvuren; avanceren; bevorderd worden; bezielen; helpen; hogerop komen; niveau verhogen; promoten; toejuichen; zich opwerken |
| Not Specified | Related Translations | Other Translations |
| promouvoir | niveau verhogen |