Remove Ads

Dutch

Detailed Translations for verwijzen from Dutch to Swedish

verwijzen:

verwijzen verb (verwijs, verwijst, verwees, verwezen, verwezen)

  1. verwijzen
    hänvisa till; råda någon att vända sig till; ge någon anvisning på

Conjugations for verwijzen:

o.t.t.
  1. verwijs
  2. verwijst
  3. verwijst
  4. verwijzen
  5. verwijzen
  6. verwijzen
o.v.t.
  1. verwees
  2. verwees
  3. verwees
  4. verwezen
  5. verwezen
  6. verwezen
v.t.t.
  1. heb verwezen
  2. hebt verwezen
  3. heeft verwezen
  4. hebben verwezen
  5. hebben verwezen
  6. hebben verwezen
v.v.t.
  1. had verwezen
  2. had verwezen
  3. had verwezen
  4. hadden verwezen
  5. hadden verwezen
  6. hadden verwezen
o.t.t.t.
  1. zal verwijzen
  2. zult verwijzen
  3. zal verwijzen
  4. zullen verwijzen
  5. zullen verwijzen
  6. zullen verwijzen
o.v.t.t.
  1. zou verwijzen
  2. zou verwijzen
  3. zou verwijzen
  4. zouden verwijzen
  5. zouden verwijzen
  6. zouden verwijzen
diversen
  1. verwijs!
  2. verwijst!
  3. verwezen
  4. verwijzend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for verwijzen:

VerbRelated TranslationsOther Translations
ge någon anvisning på verwijzen
hänvisa till verwijzen verwijzen naar
råda någon att vända sig till verwijzen

Related Definitions for "verwijzen":

  1. hem daarheen doorsturen1
    • de dokter heeft hem naar de specialist verwezen1
  2. het noemen omdat het ermee te maken heeft1
    • de schrijver verwijst in deze tekst naar een ander artikel1

Related Translations for verwijzen



Remove Ads




Remove Ads