Summary
Dutch to German:   more detail...
  1. bijeenroepen:


Dutch

Detailed Translations for bijeenroepen from Dutch to German

bijeenroepen:

bijeenroepen verb (roep bijeen, roept bijeen, riep bijeen, riepen bijeen, bijeengeroepen)

  1. bijeenroepen (convoceren; samenroepen)
    aufrufen; einberufen; zusammenrufen
    • aufrufen verb (rufe auf, rufst auf, ruft auf, rief auf, rieft auf, aufgerufen)
    • einberufen verb (berufe ein, berufst ein, beruft ein, berufte ein, beruftet ein, einberuft)
    • zusammenrufen verb (rufe zusammen, rufst zusammen, ruf zusammen, rief zusammen, rieft zusammen, zusammengerufen)

Conjugations for bijeenroepen:

o.t.t.
  1. roep bijeen
  2. roept bijeen
  3. roept bijeen
  4. roepen bijeen
  5. roepen bijeen
  6. roepen bijeen
o.v.t.
  1. riep bijeen
  2. riep bijeen
  3. riep bijeen
  4. riepen bijeen
  5. riepen bijeen
  6. riepen bijeen
v.t.t.
  1. heb bijeengeroepen
  2. hebt bijeengeroepen
  3. heeft bijeengeroepen
  4. hebben bijeengeroepen
  5. hebben bijeengeroepen
  6. hebben bijeengeroepen
v.v.t.
  1. had bijeengeroepen
  2. had bijeengeroepen
  3. had bijeengeroepen
  4. hadden bijeengeroepen
  5. hadden bijeengeroepen
  6. hadden bijeengeroepen
o.t.t.t.
  1. zal bijeenroepen
  2. zult bijeenroepen
  3. zal bijeenroepen
  4. zullen bijeenroepen
  5. zullen bijeenroepen
  6. zullen bijeenroepen
o.v.t.t.
  1. zou bijeenroepen
  2. zou bijeenroepen
  3. zou bijeenroepen
  4. zouden bijeenroepen
  5. zouden bijeenroepen
  6. zouden bijeenroepen
diversen
  1. roep bijeen!
  2. roept bijeen!
  3. bijeengeroepen
  4. bijeenroepend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for bijeenroepen:

VerbRelated TranslationsOther Translations
aufrufen bijeenroepen; convoceren; samenroepen aanroepen; dagen; laten komen; ontbieden; oppiepen; oproepen; sommeren; tevoorschijn roepen; voor het gerecht dagen; voor het gerecht ontbieden; voor het gerecht roepen
einberufen bijeenroepen; convoceren; samenroepen dagen; laten komen; ontbieden; oproepen; rekruteren; sommeren; tevoorschijn roepen; voor het gerecht dagen; voor het gerecht ontbieden; voor het gerecht roepen
zusammenrufen bijeenroepen; convoceren; samenroepen bijeen roepen
ModifierRelated TranslationsOther Translations
einberufen ingeroepen