Summary
Dutch to German:   more detail...
  1. gepieker:


Dutch

Detailed Translations for gepieker from Dutch to German

gepieker:

gepieker [het ~] noun

  1. het gepieker (geprakkizeer; gepeins)
    Grübeln; die Grübelei

Translation Matrix for gepieker:

NounRelated TranslationsOther Translations
Grübelei gepeins; gepieker; geprakkizeer diep nadenken; gepeins; getob; meditatie; overdenking; overpeinzing
Grübeln gepeins; gepieker; geprakkizeer concentreren; gemijmer; gepeins; meditatie; mijmering; overdenking; overpeinzing; prakkizeren; tobben