Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. zich terugtrekken:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for zich terugtrekken from Dutch to English

zich terugtrekken:

zich terugtrekken verb

  1. zich terugtrekken (ontslag nemen; uittreden)
    to resign; to retire; to withdraw; to slow down; to come to a halt
    • resign verb (resigns, resigned, resigning)
    • retire verb (retires, retired, retiring)
    • withdraw verb (withdraws, withdrew, withdrawing)
    • slow down verb (slows down, slowed down, slowing down)
    • come to a halt verb (comes to a halt, came to a halt, coming to a halt)

Translation Matrix for zich terugtrekken:

NounRelated TranslationsOther Translations
come to a halt tot stilstand komen
retire uittreding
VerbRelated TranslationsOther Translations
come to a halt ontslag nemen; uittreden; zich terugtrekken
resign ontslag nemen; uittreden; zich terugtrekken afspraak afzeggen; aftreden; terugtrekken; uittreden
retire ontslag nemen; uittreden; zich terugtrekken aftreden; heengaan; pensioneren; terugtrekken; uittreden; verlaten; vertrekken
slow down ontslag nemen; uittreden; zich terugtrekken afremmen; rekken; remmen; snelheid matigen; stoppen; temporiseren; vertragen
withdraw ontslag nemen; uittreden; zich terugtrekken achteruitdeinzen; achteruitgaan; aftreden; heengaan; op de achtergrond treden; terugdeinzen; terugschrikken; terugtreden; terugtrekken; terugwijken; uittreden; verlaten; vertrekken

Wiktionary Translations for zich terugtrekken:

zich terugtrekken
verb
  1. to withdraw from something one has promised to do
  2. to withdraw oneself
  1. to use coitus interruptus as a method of birth control

Related Translations for zich terugtrekken