Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. schepper:
  2. Schepper:
  3. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for schepper from Dutch to French

schepper:

schepper [de ~ (m)] noun

  1. de schepper (aker; schepemmer)
    la pelle; le seau; la bêche; la spatule; le sceau à puiser
  2. de schepper (maker; auteur; voortbrenger)
    l'auteur; le constructeur; le fabricant; l'architecte; le faiseur
  3. de schepper (creator; maker)
    le créateur; le faiseur; l'architecte; l'auteur; le constructeur; l'inventeur; le fabricant
  4. de schepper (God; Here)
    le Dieu; le Créateur

Translation Matrix for schepper:

NounRelated TranslationsOther Translations
Créateur God; Here; schepper Almachtige; God; Schepper; heer; opperwezen
Dieu God; Here; schepper Almachtige; God; Schepper; heer; hemelvader; opperwezen
architecte auteur; creator; maker; schepper; voortbrenger architect; architecte; bouwmeester
auteur auteur; creator; maker; schepper; voortbrenger auteur; bedrijver; bewerker; briefschrijver; dader; dichter; schrijfster; schrijver; verwekker
bêche aker; schepemmer; schepper
constructeur auteur; creator; maker; schepper; voortbrenger aannemer; bouwer; bouwondernemer; bouwvakker; constructeur; constructor; fabrikant; producent; samensteller; vervaardiger
créateur creator; maker; schepper aanstichter; aanzetter; artdirector; auteur; designer; grondlegger; grondvester; instigator; ontwerper; ontwerper van reclame; oprichter; oprichtster; opstoker; reclameontwerper; stamvader; stichter
fabricant auteur; creator; maker; schepper; voortbrenger fabrikant; producent; producer; vervaardiger
faiseur auteur; creator; maker; schepper; voortbrenger bouwer; bouwvakker
inventeur creator; maker; schepper maker; ontwerper; uitvinder; verzinner; vinder
pelle aker; schepemmer; schepper schep; schop; spade; tongkus; tongzoen
sceau à puiser aker; schepemmer; schepper
seau aker; schepemmer; schepper bak; barrel; emmer; fust; kuip; pot; teil; ton; vat
spatule aker; schepemmer; schepper roerspaan; spatel
ModifierRelated TranslationsOther Translations
constructeur scheppend
créateur scheppend

Related Words for "schepper":


Wiktionary Translations for schepper:

schepper
noun
  1. Celui, celle qui créer, qui tirer du néant.

Cross Translation:
FromToVia
schepper créateur creator — the deity that created the world

Schepper:

Schepper [de ~ (m)] noun

  1. de Schepper (God; Almachtige; opperwezen; heer)
    le Dieu; le Tout-Puissant; le Créateur

Translation Matrix for Schepper:

NounRelated TranslationsOther Translations
Créateur Almachtige; God; Schepper; heer; opperwezen God; Here; schepper
Dieu Almachtige; God; Schepper; heer; opperwezen God; Here; hemelvader; schepper
Tout-Puissant Almachtige; God; Schepper; heer; opperwezen