Summary
Dutch to Swedish:   more detail...
  1. afgestompt:
  2. afstompen:
  3. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for afgestompt from Dutch to Swedish

afgestompt:


Translation Matrix for afgestompt:

ModifierRelated TranslationsOther Translations
dum achterlijk; afgestompt; breinloos; dom; geesteloos; hersenloos; idioot; onbenullig; onnozel; onverstandig; stompzinnig; stupide; verstandeloos dwaas; gek; gemeen; idioot; lullig; maf; min; onbezonnen; onzinnig; slecht; vals
dumt achterlijk; afgestompt; breinloos; dom; geesteloos; hersenloos; idioot; onbenullig; onnozel; onverstandig; stompzinnig; stupide; verstandeloos dom; dwaas; gek; gemeen; idioot; lullig; maf; min; onbezonnen; onverstandig; onzinnig; slecht; stom; suf; vals
tjockskalligt achterlijk; afgestompt; breinloos; dom; geesteloos; hersenloos; idioot; onbenullig; onnozel; onverstandig; stompzinnig; stupide; verstandeloos dwaas; idioot; onbezonnen
trög achterlijk; afgestompt; breinloos; dom; geesteloos; hersenloos; idioot; onbenullig; onnozel; onverstandig; stompzinnig; stupide; verstandeloos flauwtjes; lijzig; log; loom; lui; stomp; traag; werkschuw
trögt achterlijk; afgestompt; breinloos; dom; geesteloos; hersenloos; idioot; onbenullig; onnozel; onverstandig; stompzinnig; stupide; verstandeloos flauwtjes; lijzig; log; loom; lui; stomp; traag; werkschuw; zouteloos

Wiktionary Translations for afgestompt:


Cross Translation:
FromToVia
afgestompt hjärtlös; känslokall; känslolös callous — emotionally hardened
afgestompt trög; tjockskallig; slö obtuse — intellectually dull

afstompen:

afstompen verb (stomp af, stompt af, stompte af, stompten af, afgestompt)

  1. afstompen (vervlakken)
    avtrubba
    • avtrubba verb (avtrubbar, avtrubbade, avtrubbat)

Conjugations for afstompen:

o.t.t.
  1. stomp af
  2. stompt af
  3. stompt af
  4. stompen af
  5. stompen af
  6. stompen af
o.v.t.
  1. stompte af
  2. stompte af
  3. stompte af
  4. stompten af
  5. stompten af
  6. stompten af
v.t.t.
  1. ben afgestompt
  2. bent afgestompt
  3. is afgestompt
  4. zijn afgestompt
  5. zijn afgestompt
  6. zijn afgestompt
v.v.t.
  1. was afgestompt
  2. was afgestompt
  3. was afgestompt
  4. waren afgestompt
  5. waren afgestompt
  6. waren afgestompt
o.t.t.t.
  1. zal afstompen
  2. zult afstompen
  3. zal afstompen
  4. zullen afstompen
  5. zullen afstompen
  6. zullen afstompen
o.v.t.t.
  1. zou afstompen
  2. zou afstompen
  3. zou afstompen
  4. zouden afstompen
  5. zouden afstompen
  6. zouden afstompen
diversen
  1. stomp af!
  2. stompt af!
  3. afgestompt
  4. afstompende
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for afstompen:

VerbRelated TranslationsOther Translations
avtrubba afstompen; vervlakken

Wiktionary Translations for afstompen:


Cross Translation:
FromToVia
afstompen förslöa; fördumma; bli dum abêtirrendre stupide.
afstompen försötma; söta adoucir — Rendre doux, tempérer l’âcreté de quelque chose d’aigre, de piquant, de salé.
afstompen avtrubba émousser — Traductions à trier suivant le sens