Dutch

Detailed Translations for engheid from Dutch to Swedish

engheid:

engheid [de ~ (v)] noun

  1. de engheid (engdenkendheid)

Translation Matrix for engheid:

NounRelated TranslationsOther Translations
smala tankar engdenkendheid; engheid

Related Words for "engheid":


eng:


Translation Matrix for eng:

NounRelated TranslationsOther Translations
knapp drukkertje; knobbel; knoest; knop; knopje; kwast; overhemdsknoopje; schakelaar; schakelknop
smalt engte; nauwte
trångt engte; smalheid; smalte
ModifierRelated TranslationsOther Translations
knapp eng; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte nauw; nauwsluitend; strak
knappt eng; krap; met weinig ruimte; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte minuscuul; zeer klein
kuslig akelig; beangstigend; eng; griezelig; sinister
kusligt akelig; beangstigend; eng; griezelig; sinister vergrijsd
läskigt beangstigend; eng
obehaglig beangstigend; eng ongemakkelijk; onverkwikkelijk; opgelaten; stuitend
obehagligt beangstigend; eng oncomfortabel; ongemakkelijk; ongerieflijk; onverkwikkelijk; opgelaten; stuitend
oroväckande angstaanjagend; angstwekkend; eng; griezelig; schrikaanjagend; schrikwekkend; vreesaanjagend; vreeswekkend
skrämmande angstaanjagend; beangstigend; dreigend; eng ontzettend; verschrikkelijk; vreselijk
smal eng; krap; met weinig ruimte; nauw mager; spichtig; sprieterig; tenger
smalt eng; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte dun; fijn; fijngebouwd; knokig; mager; opvliegend; rank; scharminkelig; slank; spichtig; sprieterig; tenger
trång eng; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte
trångt eng; krap; met weinig ruimte; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte hokkerig
ängslande dreigend; eng
ångestväckande angstaanjagend; angstwekkend; eng; griezelig; schrikaanjagend; schrikwekkend; vreesaanjagend; vreeswekkend

Related Words for "eng":

  • engheid, enger, engere, engst, engste, enge

Wiktionary Translations for eng:


Cross Translation:
FromToVia
eng snäv; trång; smal eng — schmal, nahe anliegend; von relativ geringer Ausdehnung
eng läskig scary — causing, or able to cause, fright

External Machine Translations: