Dutch

Detailed Translations for blunderen from Dutch to Spanish

blunderen:

blunderen verb (blunder, blundert, blunderde, blunderden, geblunderd)

  1. blunderen

Conjugations for blunderen:

o.t.t.
  1. blunder
  2. blundert
  3. blundert
  4. blunderen
  5. blunderen
  6. blunderen
o.v.t.
  1. blunderde
  2. blunderde
  3. blunderde
  4. blunderden
  5. blunderden
  6. blunderden
v.t.t.
  1. heb geblunderd
  2. hebt geblunderd
  3. heeft geblunderd
  4. hebben geblunderd
  5. hebben geblunderd
  6. hebben geblunderd
v.v.t.
  1. had geblunderd
  2. had geblunderd
  3. had geblunderd
  4. hadden geblunderd
  5. hadden geblunderd
  6. hadden geblunderd
o.t.t.t.
  1. zal blunderen
  2. zult blunderen
  3. zal blunderen
  4. zullen blunderen
  5. zullen blunderen
  6. zullen blunderen
o.v.t.t.
  1. zou blunderen
  2. zou blunderen
  3. zou blunderen
  4. zouden blunderen
  5. zouden blunderen
  6. zouden blunderen
diversen
  1. blunder!
  2. blundert!
  3. geblunderd
  4. blunderend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

blunderen [znw.] noun

  1. blunderen (begaan van een blunder)
    el tropiezo; el desliz

Translation Matrix for blunderen:

NounRelated TranslationsOther Translations
desliz begaan van een blunder; blunderen onderuitgaan
resbalar uitglijden
tropiezo begaan van een blunder; blunderen geharrewar; hapering; kink in de kabel; onderuitgaan
VerbRelated TranslationsOther Translations
deslizarse blunderen afglijden; eraf glijden; floepen; glibberen; glijden; glippen; insluipen; naar beneden glijden; omlaag glijden; onderuitgaan; ongemerkt binnendringen; roetsjen; slippen; uitglibberen; uitglijden; uitschieten; uitschuiven; wegglippen; wegschieten
resbalar blunderen glibberen; glijden; glippen; roetsjen; slippen; uitglijden; verspreken

Related Words for "blunderen":


blunder:

blunder [de ~ (m)] noun

  1. de blunder (flater)
    el fracaso; el disparate; la barbaridad; la falta; el fallo; el error; la equivocación; el caballete; la pifia; el patinazo; el fiasco; la equivocaciones; la debacle; la enormidad; el tiro errado; la metedura de pata; el tiro fallido
  2. de blunder (giller; domheid; misgreep; flater)
    el patinazo; el fallo; la falta; la equivocación; el error; la metedura de pata; la pifia
  3. de blunder (enormiteit)
    el fracaso; el error enorme; la barbaridad; la estupidez; el caballete; el patinazo; el fiasco; la enormidad; la metedura de pata
  4. de blunder (vergissing; fout; misgreep; )
    la equivocación; el error; el fallo

Translation Matrix for blunder:

NounRelated TranslationsOther Translations
barbaridad blunder; enormiteit; flater barbaarsheid; barbarij; onmenselijkheid; wreedheid
caballete blunder; enormiteit; flater ezel; hoogst bereikbare punt; kinderspeeltje; rammelaar; schildersezel; schoor; schraag; top
debacle blunder; flater afgang; echec; fiasco; flop; mislukking; misschot; misser
disparate blunder; flater achterlijkheid; dolheid; furie; geestesziekte; gekkenwerk; idioterie; krankzinnigheid; razernij; waanzin
enormidad blunder; enormiteit; flater reusachtigheid
equivocaciones blunder; flater dwalingen; fouten; misstappen; misvattingen; onjuistheden; vergissingen
equivocación blunder; domheid; flater; fout; giller; misgreep; misrekening; misser; misslag; misstap; misverstand; vergissing abuis; dwaling; feil; fout; incorrectheid; misgreep; misschot; misser; misslag; onjuistheid; spreekfout; vergissing
error blunder; domheid; flater; fout; giller; misgreep; misrekening; misser; misslag; misstap; misverstand; vergissing abuis; bug; communicatiestoornis; communicatiestoring; dwaling; feil; fout; gebrek; incorrectheid; misgreep; misslag; misstap; onjuistheid; vergissing
error enorme blunder; enormiteit
estupidez blunder; enormiteit absurditeit; achterlijkheid; doofstomheid; dwaasheid; geesteloosheid; geestesziekte; gekheid; gekkenwerk; gekkigheid; gekte; idioterie; kinderlijkheid; krachteloosheid; krankzinnigheid; laksheid; naïveteit; naïviteit; onbenulligheid; onbezonnenheid; ondoordachtheid; ondoordachtzaamheid; ongerijmdheid; onnozelheid; onverstand; onwetendheid; onzinnigheid; simpelheid; slapheid; slapte; stomheid; stompzinnigheid; sulligheid; waanzin; weekheid; zachtheid; zotheid; zwakheid; zwakte
fallo blunder; domheid; flater; fout; giller; misgreep; misrekening; misser; misslag; misstap; misverstand; vergissing abuis; afgang; dwaling; echec; feil; fiasco; flop; fout; gebrek; het uitspreken; incorrectheid; manco; misgreep; mislukking; misser; misslag; misstap; onjuistheid; oordeelvelling; schuldigverklaring; tekort; tekortkoming; uitspraak; vergissing; veroordeling; vonnis
falta blunder; domheid; flater; giller; misgreep aantasting; abuis; deficit; delict; dwaling; feil; fout; gebrek; inbreuk; incorrectheid; manco; misgreep; misslag; onbillijkheid; ongerechtigheid; onjuistheid; onrecht; onrechtvaardigheid; overtreding; schending; schennis; tekort; verdragsschending; vergissing; vergrijp; zwakheid
fiasco blunder; enormiteit; flater afgang; echec; fiasco; flop; mislukking; misschot; misser
fracaso blunder; enormiteit; flater afgang; echec; feil; fiasco; flop; fout; incorrectheid; inzakking; knak; kneusje; knik; malaise; mislukkeling; mislukking; misschot; misser; onjuistheid; slapheid; slapte; stuklopen; vastlopen
metedura de pata blunder; domheid; enormiteit; flater; giller; misgreep abuis; dwaling; fout; misgreep; misschot; misser; misslag; vergissing
patinazo blunder; domheid; enormiteit; flater; giller; misgreep abuis; dwaling; fout; misgreep; misschot; misser; misslag; vergissing
pifia blunder; domheid; flater; giller; misgreep abuis; dwaling; fout; misgreep; misslag; vergissing
tiro errado blunder; flater
tiro fallido blunder; flater
Not SpecifiedRelated TranslationsOther Translations
error fout

Related Words for "blunder":


Wiktionary Translations for blunder:


Cross Translation:
FromToVia
blunder tropiezo; metida de pata; garrafal; desliz; torpeza; descache; condoro; error blunder — mistake
blunder error; equivocación mistake — an error (1)