Summary
Dutch to Spanish:   more detail...
  1. huichelend:
  2. huichelen:
  3. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for huichelend from Dutch to Spanish

huichelend:

huichelend adj

  1. huichelend (voorwendend; veinzend)

Translation Matrix for huichelend:

ModifierRelated TranslationsOther Translations
con hipocresía huichelend; veinzend; voorwendend
simulante huichelend; veinzend; voorwendend

huichelend form of huichelen:

huichelen verb (huichel, huichelt, huichelde, huichelden, gehuicheld)

  1. huichelen

Conjugations for huichelen:

o.t.t.
  1. huichel
  2. huichelt
  3. huichelt
  4. huichelen
  5. huichelen
  6. huichelen
o.v.t.
  1. huichelde
  2. huichelde
  3. huichelde
  4. huichelden
  5. huichelden
  6. huichelden
v.t.t.
  1. heb gehuicheld
  2. hebt gehuicheld
  3. heeft gehuicheld
  4. hebben gehuicheld
  5. hebben gehuicheld
  6. hebben gehuicheld
v.v.t.
  1. had gehuicheld
  2. had gehuicheld
  3. had gehuicheld
  4. hadden gehuicheld
  5. hadden gehuicheld
  6. hadden gehuicheld
o.t.t.t.
  1. zal huichelen
  2. zult huichelen
  3. zal huichelen
  4. zullen huichelen
  5. zullen huichelen
  6. zullen huichelen
o.v.t.t.
  1. zou huichelen
  2. zou huichelen
  3. zou huichelen
  4. zouden huichelen
  5. zouden huichelen
  6. zouden huichelen
diversen
  1. huichel!
  2. huichelt!
  3. gehuicheld
  4. huichelend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for huichelen:

NounRelated TranslationsOther Translations
inventar fantaseren; opdissen
pretender aansturen op; ambitie; aspiratie; azen; beogen; doel; intentie; pogen; streven; streven naar; trachten
VerbRelated TranslationsOther Translations
fingir huichelen acteren; beweren; doen voorkomen; fingeren; iemand begunstigen; komedie spelen; pretenderen; simuleren; stellen; toneelspelen; veinzen; verklaren; voorgeven; voorschuiven; voortrekken; voorwenden; zich aanstellen
inventar huichelen bedenken; fantaseren; uitdenken; uitvinden; verdichten; verzinnen; voorwenden
pretender huichelen aanmatigen; ambiëren; bedoelen; beweren; ergens iets mee willen zeggen; fingeren; menen; pretenderen; simuleren; stellen; van mening zijn; veinzen; verklaren; voorgeven; voorwenden; zich verbeelden
simular huichelen beweren; pretenderen; stellen; verklaren; voorgeven
ModifierRelated TranslationsOther Translations
fingir doende

Related Definitions for "huichelen":

  1. vriendelijk doen terwijl je het niet meent1
    • hij huichelt altijd tegen de directeur1

Wiktionary Translations for huichelen:

huichelen
verb
  1. veinzen, doen alsof

Cross Translation:
FromToVia
huichelen fingir heucheln — Zustimmung gegenüber einer anderen Person trotz nicht geäußerter gegenteiliger Eigenmeinung vortäuschen